Mergelgroeven

<< Mergelgroeven << Wijzen van exploitatie
Terug naar
  Mergelgroeven







Mergelwinning, wijzen van exploitatie

Het overgrote deel van de onderaardse mergelgroeven is ontstaan door mergelontginning in blokvorm. Bij het ontginnen van mergelblokken maakte de blokbreker gebruikt van meerdere zaagtypen. Zo bestaat er een onderscheid tussen de grote blokzaag en de opzetzaag. Er werd ook gebruik gemaakt van beitels. Per regio en periode zijn andere soorten beitels gebruikt. In het Valkenburgse werd tot omstreeks 1600 gebruik gemaakt van de slagbeitel. Dit gereedschap liet ronde beitelsporen achter op de wanden en plafonds. Na omstreeks 1600 werd ook de steekbeitel gebruikt. Dit gereedschap laat rechte beitelsporen achter op de wanden en plafond. Rond Maastricht werd de steekbeitel pas gebruikt vanaf het midden van de 18de eeuw. Er bestonden beitels die uit één geheel bestonden en men had de zogenaamde bergboum. Deze beitels bestonden uit twee onderdelen, de beitelkop en het gedeelte dat men vast had. Doordat de blokbrekers twee gedeelten in verschillende vormen en lengtes hadden kon men ter plekke bepalen welke combinatie het efficiëntste werkte.

De ontgonnen blokken werden in de reeds bestaande gangen opgeslagen. Wanneer men een partij blokken verkocht had werden deze door middel van paard en wagen naar buiten gereden. Op de bouwplaatsen werd de mergel verwerkt in het te bouwen gebouw.

In de tweede helft van de 20ste werd steeds vaker gebruik gemaakt van een kettingzaag bij het ontginnen van de mergelsteen. De techniek blijft gelijk aan zoals men al honderden jaren de mergelblokken ontgint. Echter worden handzagen ingeruild voor de kettingzaag.

Anno 2009 is slechts één onderaardse groeve actief. Hier worden mergelblokken ontgonnen die vooral gebruikt worden bij restauratiewerkzaamheden en af en toe voor nieuwbouwprojecten.

Terug naar
  Mergelgroeven